Als je minimaal 2 oefeningen hebt gedaan kan je hier weer verder. Kijk naar de oefeningen die je hebt gedaan, welke woorden heb je veel gebruikt (meer dan 3x – kijk ook naar woorden met ongeveer dezelfde betekenis-), markeer ze en schrijf ze op op het uitwerkblad of in je werkboek. Kijk naar alle woorden, in de oefeningen van dit blok, neem ook gerust het deel talenten mee als je die hebt gevolgd.

Vraag jezelf vervolgens af: wat is voor mij belangrijk, wil ik iets beleven, heb ik een wens wat de wereld een beetje mooier maakt, wil ik iets leren, wat is mijn behoefte, of wil ik iets doen?

Bijvoorbeeld: “Ik wil werken met jongeren om hen beter te kunnen omgaan met stress”. Of “Ik wil naar Iran om meer te leren over de cultuur”.

Schrijf op wat er voor jou uitspringt. Dat kunnen ook dingen zijn waar je tot nu toe nog niet aan hebt gedacht of mee bezig hebt gehouden.

Je kan niet zomaar je baan opzeggen en je droom achterna. Vraag jezelf eens af. Wat is het dat je trekt in deze wens of behoefte. Wil je bijvoorbeeld een eigen B&B in een eilandje bij Australië beginnen. Wat is de behoefte die eronder zit. Is het vrijheid, is het warm weer, is het zorgzaam kunnen zijn, is het anderen laten relaxen? Als je dat hebt opgeschreven, denk dan eens na hoe je hier in Nederland, gewoon waar je nu dagelijks bent hier invulling aan zou kunnen geven. Kortom hoe haal je die B&B of de zon of de zee, het helpen van anderen, hiernaar toe?

× Stuur een bericht